Een naam voor een stadsdeel

Op 27 mei 1642 namen schout en schepenen van Sloten en Sloterdijk en poldermeesters van de Binnenpolder van Sloten en Sloterdijk het besluit twee stenen duikers te leggen in de Kostverlorenkade. Op zich weinig spectaculair, maar wel van historisch belang. Eén van die duikers moest namelijk komen te liggen naast ‘de drie Baarsjes’.


Voormalige herberg De Drie Baarsjes met rechtsachter de Wiegbrug, 1941

Het document waarin dit beschreven staat, is het eerste waarin de naam voorkomt van deze herberg, die stond waar nu de betrekkelijke nieuwbouw op de Baarsjesweg bij de Wiegbrug is.
Herbergier was toen waarschijnlijk al een zekere Teunis Cornelisz.; in een stuk gedateerd 25 november 1658 is sprake van overdracht van enig land behorende tot zijn nagelaten boedel.
De naam van de herberg werd niet altijd op dezelfde wijze geschreven. Op twee verschillende kaarten uit 1650 vinden we bijvoorbeeld ‘3 Baersjens’ resp. ‘3 Bersis’.
Het gebied ten westen van de ‘De Drie Baarsjes’ werd al gauw Baarsjeszijde genoemd, en men kon wonen in de Baarsjespolder of aan de Baarsjes, nu de Baarsjesweg.
Uit oude prentbriefkaarten kan opgemaakt worden, dat de hele kade aan de westkant van de Kostverlorenvaart tussen de Overtoomsesluis (Surinamestraat/Overtoom) en ongeveer de Beltbrug (Jan van Galenstraat/Tweede Hugo de Grootstraat) als ‘Baarsjes’ bekend stond.
In zijn Amsterdamsche Buitensingel uit 1723 schreef Daniël Willink de volgende versregel:

‘De Baarsjes, een bekende buurt,
Van ouds ’t vermaak der Amstelaaren’,

(Amstelaaren = Amsterdammers),
met als voetnoot:

‘De Baarsjes. Een zeer oude Buurt langs de gemelde Nieuwe Weetering geleegen; meede een luchtige uitstap voor de Amsterdamsche Burgeren’.
(Nieuwe Weetering = Kostverlorenvaart.)

G. Tysens had het in de door Abraham Rademaker met tekeningen verluchte en daarom vaak ten onrechte aan deze laatste toegeschreven Spiegel van Amsterdams Zomervreugd ook al over deze buurtschap:

‘’k Zie ’t aangenaam gezigt, dat naar de Baarsjes strekt’.

De in 1894 buiten gebruik gestelde watermolen ‘De Noordermolen‘ van de Sloterbinnen- en Middelveldsche gecombineerde polders bij de Drie Baarsjes aan de Kostverlorenvaart langs de Molentocht heette ook wel ‘De Baarsjes’.

En de parochiekerk van Onze Lieve Vrouw van Altijddurende Bijstand in de Chasséstraat in, uiteraard, het Baarsjeskwartier, heeft als bijnaam ‘de Baarsjes’. In de noodkerk die van 1917 tot 1926 in gebruik is geweest en die zich bevond op de plek waar nu het buurthuis staat, was rechtsboven de ingang een steen te vinden met een afbeelding van drie baarsjes.
In de huidige Baarsjeskerk bevinden deze vissen zich, uitgehouwen in steen, aan de rechterkant van de rechter hoofdingang en in het glas-in-loodraam boven de pastoriedeur.

In 1956 is de herberg ‘De Drie Baarsjes’, die toen al jaren een andere bestemming had, gesloopt.

Het stemt tot vreugde, dat de gemeenteraad in zijn vergadering van 18 oktober 1989 het voorstel van het toenmalige wijkcentrum en ondergetekende heeft aangenomen, om de tot dan toe met grote vasthoudendheid gebezigde naam ‘Admiralenbuurt’ voor het nieuwe stadsdeel te wijzigen in ‘De Baarsjes’. Daarmee wordt tevens de herinnering levend gehouden aan het eens zo bekende drankhuis.

Dus: Admiralenbuurt + Postjesbuurt = De Baarsjes.
De Postjesbuurt hoefde niet langer het gevoel te hebben, ingelijfd te zijn bij de Admiralenbuurt.
Immers … een pos of post is een vis die behoort tot de familie van de baarzen.
Kan het mooier?

Robert Proost
28 juni 2007

[Dit artikel is eerder in iets gewijzigde vorm van dezelfde auteur verschenen in Het Kompas, wijkkrant voor de Admiralenbuurt, van november 1989, zestiende jaargang, nummer 8.]


        


Historisch Archief De Baarsjes